Bont gezelschap bijeen in Wereldhuis
Het Wereldhuis is opgezet vanuit de Protestantse Diaconie Amsterdam en biedt laagdrempelige steun aan mensen zonder papieren. Het gaat daarbij niet alleen om medische en juridische hulp, maar ook om taal- en computercurussen, empowermenttrainingen en zelforganisatie van migranten en vluchtelingen. Uit de samenstelling van de bezoekers van het symposium bleek hoe divers en internationaal de doelgroepen en de medewerkers van het Wereldhuis zijn: wit en zwart, man en vrouw, mensen uit Latijns-Amerika, Afrika en Azië, Nederlanders en mensen zonder papieren. Temidden van dat gezelschap vertelden een paar leden van de United Migrant Domestic Workers (UMDW) over hun strijd en hun zware bestaan. UMDW is een van de zelforganisaties die aan de basis staan van een beginnende landelijke campagne voor respect en erkenning van domestic workers. Hun emotionele belevingsverhalen over de onderkant van de samenleving stonden in schril contrast met de nogal afstandelijke vertogen van de eveneens aanwezige wetenschappers en politici uit de maatschappelijke bovenlaag.
Antropoloog Peter Geschiere maakte duidelijk hoeveel druk families in West-Afrika uitoefenen op jonge familieleden om naar Europa te migreren en daar geld te gaan verdienen voor de rest van de familie. Migreren is voor hen een noodzaak, een kans op een beter leven. Eenmaal in Europa blijkt die droom veelal een nachtmerrie te zijn. Geschiere riep op om in Afrika meer duidelijk te maken dat Europa “geen luilekkerland” is. Daarmee trad hij onbedoeld in het voetspoor van de EU-lidstaten en de Internationale Organisatie voor Migratie (IOM), die in het kader van migratiebeheersing zoveel mogelijk potentiële migranten via voorlichtingsprojecten proberen te ontmoedigen om naar Europa te komen.
Onderzoekster Sarah van Walsum hield een praatje over de positie van domestic workers, onder het motto “We kunnen niet zonder, maar dat willen we niet weten”. Door zo in de wij-vorm te spreken sloot ze de aanwezige domestic workers buiten, die daarmee van subject tot object werden gedegradeerd. Ze benadrukte hoezeer Nederland niet alleen kennismigranten, maar vooral ook laagopgeleide migranten nodig heeft, zoals domestic workers. De kern van haar betoog draaide om de bruikbaarheid van migranten voor de economie. Zolang domestic workers nodig zijn, zijn ze welkom. Maar zodra ze niet meer bruikbaar zijn, kunnen ze worden teruggestuurd. Dat soort nuttigheidsdenken gaat uit van het perspectief van de BV Nederland, niet van de migranten zelf.
Harry Westerink